Met werk bedoelen we kort samengevat alle activiteiten die te maken hebben met kennisoverdracht en reflectie. Eigenlijk wordt er op de Carrousel voortdurend gewerkt. Niet alleen het aanleren, oefenen en gebruiken van de leerstof horen bij werk, maar ook bijvoorbeeld het verzinnen van een lied voor de viering, het maken van een werkstuk en koken tijdens blokuur zijn een onderdeel hiervan. Zo is een kleuter die een verfkunstwerk fabriceert hard aan het werk. Net als de leerling die een instructie (uitleg door de stamgroepleider) volgt bij het digibord.

Projecten zijn de rode draad binnen ons onderwijs. Aan de hand van diverse thema’s zijn de schoolse vaardigheden als rekenen, spelling, schrijven en wereldoriëntatie gekoppeld aan elkaar. Ons paradepaardje is de methode Kansrijke Taal, waarbij wij onze leerlingen veel meer bieden dan invuloefeningen. Wij leren hen omgaan met het gebruik van taal in onze samenleving op een speelse, creatieve en doelgerichte manier. Het resultaat is dat de nieuwsgierigheid van de kinderen geprikkeld wordt en dat ze zelf willen onderzoeken.

Het werken kan zowel individueel plaats vinden als in groepjes. Van tevoren is voor de kinderen duidelijk of het een werkles betreft waarbij stilte wordt gewenst, of dat er ruimte is voor overleg met elkaar. De kinderen zijn altijd gekoppeld aan een ‘maatje’, een kind uit dezelfde stamgroep. Als de stamgroepleider even bezet is, helpen de kinderen elkaar zover dat mogelijk is.

Een ander belangrijk onderdeel van ‘werk’ is het evalueren. De stamgroepleider kijkt het gemaakte werk na (in hogere groepen gebeurt dit ook regelmatig door leerlingen zelf), gaat na of de leerstof begrepen is of dat er misschien extra uitleg nodig is. Evaluatie kan ook plaatsvinden door de hele groep, bijvoorbeeld met presentaties over de verworven kennis na afloop van een project.